We maken ons klaar voor ons logies bij de inheemse bevolking, maar eerst worden we verwacht op het gemeentehuis. Aan de ingang prijkt een getuigschrift dat in 2011 door het Ministerie van Binnenlandse Zaken werd uitgereikt en dat Brooke’s Point prijst voor zijn goed bestuur. Dat verdient 10 op 10 voor Brooke’s Point (en een bank vooruit).
Voorzitters van verschillende gemeentelijke comité's en de eerste schepen ontvangen ons glimlachend, maar hun vastberadenheid rond het thema mijnbouw is onwrikbaar: onder dit bestuur worden niet langer mijnbedrijven geduld. Mijnbouw ruineert het landschap, vervuilt de bodem en het water en levert voor de plaatselijke bevolking geen tewerkstelling op. Bovendien vormen ze een directe bedreiging voor het leven van de inheemse gemeenschappen. Ook olieplantages vormen een bedreiging voor de bevolking en biodiversiteit van Brooke’s Point en heel het unieke eiland Palawan.
In plaats van zich te laten verleiden door het grote ’gemakkelijke’ geld van mijnen en palmolieplantages, kiest het bestuur voor de duurzaamheid van een gevarieerde landbouw en ecotoerisme. Brooke’s Point heeft een mooie, propere en groene stad voor ogen. Natuurlijk is deze visie niet blijvend gegarandeerd. Een volgend bestuur kan gemakkelijk van koers veranderen. Daarom is het noodzakelijk blijvend aandacht te besteden aan informatie en bewustmaking, zodat deze visie door een breed publiek wordt gedragen.
Na de middag vertrekken we naar Katangbanwa, een inheemse gemeenschap waar we de nacht zullen doorbrengen. Nadat we onze ogen de kost hebben gegeven, worden we verwelkomd door kinderen. Drie jongens begeleiden drie meisjes op traditioneel slagwerk, en roepen daarmee de goede geesten op. Een oudere man die de leiding over deze gemeenschap blijkt te hebben, praat op deze geesten in en vraagt hen ons te aanvaarden als vrienden. We eten met hem het ritueel gezegende voedsel als teken van verbroedering.
Een twintigtal kinderen zingt hun trots uit over Palawan. Bij wijze van beloning schenken we hen pakketjes schoolgerief die ze dankbaar en nederig aannemen. We doen een poging om de contacten wat te versoepelen met ’’k Heb de zon zien zakken’, en ’Tiaiaia ho’, maar de onderdanige houding blijft hardnekkig.
Iedereen wordt een gastgezin toegewezen en we gaan ons installeren. Eigenlijk zien we er wat tegenop om de nacht te doorstaan: een rieten matje op een harde grond, een gat in de grond als toilet ergens ver weg in het donker en af en toe hanen die tegen elkaar op kraaien... Met een gezellige zangstonde proberen we onszelf moed in te zingen.
Nele


Hey Nele
BeantwoordenVerwijderenHoe gaat het? Jullie hebben al een boeiende reis vol avontuur achter de rug, zo te lezen. 't Klinkt alleszins zeer de moeite. Nog veel leuke momenten en gezellige klapkes. De sfeer zit er blijkbaar goed in.
Groetjes
Hade.